LEERT JOUW KIND ANDERS? OVER BEELDDENKEN GESPROKEN…

In dit blog wil ik je iets meer vertellen over beelddenken: wat het is, welke ideeën erover bestaan, wat er wordt bedoeld met de rechterhersenhelft, welke dingen kunnen helpen bij het leren op school en waar je meer informatie erover kunt vinden.

(Eigenlijk wilde ik nog véél meer vertellen, maar wat in hele boeken hierover geschreven staat, kun je niet even in één blog samenvatten. Dus hierbij een korte variant!)

 

Wat is beelddenken?

Hoewel er mensen zijn die zeggen dat dit niet bestaat, dat we allemaal in beelden denken en dat er dus ook geen speciale aandacht voor nodig is, zijn er anderen die zien dat er duidelijk een groep mensen is die ánders leert en die met name visueel zijn ingesteld. Sinds er meer bekend is over de werking van onze hersenen en het duidelijk is dat beelden, kleuren, fantasie e.d. met name in de rechterhersenhelft gesitueerd zijn, zijn er ook mensen die over de ‘rechtsgeoriënteerde’ leerstijl spreken.

Beide groepen vinden elkaar in het uitgangspunt dat deze kinderen(én volwassenen), duidelijk anders leren.

 

Zelf blijk ik ook een beelddenker te zijn, maar ik onderkende dat niet, omdat beelddenken veelal tegenover taaldenken wordt geplaatst. En ik ben gek op taal: op lezen, rebussen, woordpuzzels en spelletjes, dus hoewel mijn hoofd vol beelden zat, dacht ik: dan kan ik toch geen beelddenker zijn?

 

Beelddenker en begripsdenker

De verwerpers van het woord ‘beelddenkers’ met het argument: ‘we denken toch allemaal in beelden?’ hebben in zoverre gelijk, dat we allemaal als beelddenkers worden geboren. Zodra de geschreven taal meer de overhand gaat nemen in de jonge kinderjaren

(kleuterleeftijd, groep 3), is er echter een groep die een voorkeur houdt voor de beelden vóór het geschreven/gehoorde woord en voor de feiten en het logische redeneren.

Zij leren het liefste via beelden en het gevoel en de emotie die daarbij horen, lettend op verbanden en omgevingsfactoren,  terwijl de anderen prima leren via wat ze horen en waarbij ze vaak éérst het geschreven woord in gedachten zien en pas daarná  een beeld erbij oproepen en gericht zijn op feiten en logica.

 

Beelddenken en de rechterhersenhelft

We benoemden hiervoor al, dat beelden vnl. in de rechterhersenhelft gevormd worden. Voor alle duidelijkheid: we leren met BEIDE hersenhelften. Als dat niet zo zou zijn, zouden we bv. niet kunnen lezen, waarbij een ingewikkeld proces plaats vindt van letters herkennen, omzetten in klanken, woorden ervan maken, het kunnen uitspreken ervan en er een beeld bij kunnen oproepen. Hiervoor zijn zowel gedeeltes van onze rechter- als van onze linkerhersenhelft verantwoordelijk.

In de rechterhersenhelft zitten naast beelden, centra voor het herkennen van kleur. Hier zetelt fantasie en creativiteit naast emotie en gevoel.

Dit wetende, kunnen we beter begrijpen dat dit tevens de helpers zijn van de beelddenker.

Als we gebruik maken van fantasie, kleur, creativiteit, emotie en gevoel, dan komt de leerstof beter binnen bij de beelddenker.

Daarnaast is het goed om te zorgen voor oefeningen die de beide hersenhelften goed laten samenwerken, zoals oefeningen waarbij de middellijn wordt gekruist(Braingym: bv. de kruisloop, liggende acht, etc.)

 

De beelddenker op school

Op  school wordt leerstof nog steeds veel auditief aangeboden(luisteren naar wat er wordt verteld). Hoewel het digi-bord de leerstof nu ook meer visueel maakt, is dit nog steeds een plaatje waar voor de beelddenker geen gevoel, geen emotie aan gekoppeld kan worden, omdat het niet zijn éigen plaatje is. Het kan het kind wel helpen om zijn eigen plaatje te maken van bv. boerderijdieren, gekoppeld aan zijn eigen ervaring ermee en gebruik makend van de emoties die dit bij hem oproept (het geitje, dat het eten uit zijn hand rukte, het grappige konijntje dat hij kon aaien en de ezel die zo hard balkte!).

Beelddenken gaat razendsnel*- van het ene plaatje in je hoofd naar het andere. Het is dus niet verwonderlijk dat een kind heel snel afgeleid kan zijn, want die vlieg in de klas, brengt hem terug naar de koeien in Zwitserland, hij ziet de bergen. Daar lag ook sneeuw op. Op sneeuw kun je skiën.

Daar zag hij laatst op t.v. ook nog iets over. Kortom: in een mum van tijd is het kind héél ergens anders met zijn gedachten en volgt hij de woorden (én het digibord) niet meer!

Eenzelfde beelden-gebeurtenisketting kan zich voordoen bij een afbeelding van het digibord.

Geen wonder dus, dat zo’n kind een gebrek aan concentratie wordt verweten, want het lijkt wel of hij totaal niet oplet in de les, of als hij zelf aan het werk moet.

(*N.B. Gemiddeld kun je 2 woorden per seconde tegenover 32 beelden per sec. zetten!)

 

Voor een beelddenker is het fijn, als de leerstof een beetje gekaderd wordt: waar gaat het over? Wat gaan we leren? Dat kan maken dat hij niet helemaal doorschiet in zijn fantasie: het ging over de boerderij en niet over Zwitserland!

Belangrijk dus dat het kind eerst een totaaloverzicht heeft, doordat de leerkracht het hoofddoel benoemt.

 

Dit geldt bv. ook voor de letters of de rekenstof: biedt zoveel mogelijk eerst het totaalplaatje aan en zoom dan in op de details. Bv.: ‘Dit zijn alle letters. Die kun je niet in één keer leren, dus we beginnen vandaag met deze’.

Of: ’Er zijn verschillende maten, je ziet ze hier op deze poster. Die hoef je nu nog niet allemaal te kennen, we gaan het nu eerst over de meter en de centimeters hebben.’

 

Dit totaaloverzicht geeft de beelddenker een kader én kan hem daarnaast motiveren. Want motivatie, weten waaróm je iets moet leren, is ook heel belangrijk voor deze groep kinderen(en volwassenen!)

 

Maak gebruik van kleuren. Bij het begrijpend lezen, zal de beelddenker ook al snel in zijn fantasie vervallen en zijn eigen verhaal maken, wat niet precies overeenkomt met wat er in de tekst over wordt geschreven. Het onderstrepen van belangrijke woorden in de tekst, maakt het overzichtelijker en kleur springt er direct uit en komt het brein binnen.

De meeste beelddenkers kunnen ook heel goed zelf mindmappen leren maken over allerlei onderwerpen. Ze vinden het heerlijk om met kleurtjes bezig te zijn, hun eigen tekeningetjes erbij te bedenken en ze hebben in één keer een goed totaaloverzicht van de lesstof.

 

De meeste beelddenkers hebben ook baat bij bewegend leren: zelf ervaring opdoen, zelf al doende leren. Door het handelend bezig zijn, is hij ook minder afgeleid en hij onthoudt alles zo beter.

 

Het werkgeheugen van de beelddenker kan zwak zijn doordat zijn aandacht is afgeleid óf doordat de inhoud wordt vervangen door andere informatie. Er zijn oefeningen om het werkgeheugen te trainen.(Informeer hiernaar bij de intake in mijn praktijk).

 

Beelddenken is vaak gekoppeld aan dyslexie, hooggevoeligheid, hoogbegaafdheid en andere labeltjes.

Wees je hiervan bewust, want als ik soms vragenlijsten over ‘is jouw kind een beelddenker’ tegenkom op internet, gaan die bv. over kriebelende merkjes, terwijl dat dan weer meer betrekking heeft op bv. hooggevoeligheid en m.i. niet direct over het leerproces gaat.

 

Tenslotte

Hier heb ik dus héél kort enkele dingen over de beelddenker beschreven, maar ik ben nu wel benieuwd naar JOUW ervaringen: Waar loop jij of waar loopt jouw beelddenker tegenaan? En hoe kun jij/jouw beelddenker goed leren?

 

Op mijn website is een omvangrijke literatuuropgave te vinden: hier vind je ook vele titels over beelddenken.

Dus mocht je meer hierover willen lezen, kijk dan eens wat er zoal te vinden is.

 

In mijn blog van mei 2021: Heeft jouw kind moeite met het opnemen/leren van de lesstof? vertel ik ook iets meer over de verschillende leeringangen en welke hulp een MILS onderzoek hierbij kan geven.

Ik hoop heel erg dat alle beelddenkende kinderen én volwassenen hun eigen, persoonlijke leerroute door het onderwijs leren vinden en dat ze zich bewust worden van hun unieke kwaliteiten. Want beelddenkers zijn bijzonder creatieve mensen en snelle denkers die voor veranderingen in systemen kunnen zorgen en met originele oplossingen kunnen komen.

Dus, al lijkt de maatschappij soms nog niet helemaal klaar te zijn voor de beelddenker, zonder hen zou de wereld heel saai en voorspelbaar zijn en zouden er weinig nieuwe uitvindingen worden gedaan!

Kortom: we hebben beelddenkers nodig!

 

Damayanti van der Velden